WAARIN OPGENOMEN DE IERSEKSCHE EN THOOLSCHE COURANT NEERLANDS HOOGTIJDAG NIEUWSBLAD VOOR HET EILAND THOLEN Vrijdag 8 Januari 1937. No. 1 Vier en vijftigste jaargang Tholen, Poortvliet, Scherpenisse, St-Maartensdijk, Stavenisse, St-Annaland en Oud-Vossemeer UITGAVE FIRMA J. M. C. POT, THOLEN - TEL. INTERC. 16 - POSTREK. 1043 'd; De zonovergoten Residentie in feest stemming. De jubel breekt los. THOOLSCHE COURANT Dit blad verschijnt eiken Vrijdag. Prijs per kwartaal ƒ0,80'; met Geïllustreerd Zondagsblad ƒ1,375, franco per post ƒ1,65 15 ct. iisp. kosten. Advertentiën van 1 tol 4 regels 75 ct.; iedere regel meer 175 ct. Grootte der letters naar plaatsruimte. Bij abonnement aanmerkelijke prijsvermindering. PUBLICATIEN. Burgemeester en Wethouders van Tholen brengen ter openbare kennis, dat de staat van hetgeen naar het burgerlijk recht eigendom der ge meente is, hetzij in druk hetzij in afschrift, verkrijgbaar is tegen be taling der kosten. Tholen, 4 Januari 1937. 10 HONDENBELASTING. Burgemeester en Wethouders van Tholen maken bekend, dat houders van honden aan wie vóór of op 1 Februari a.s geen beschrijvings biljet voor de Hondenbelasting 1937 uitgereikt zijn, verplicht .zijn, binnen een week na genoemd tijdstip hiervan aangifte te doen ten kantore van den gemeente-ontvanger. Houders wier belastingschuldigheid eerst na het verstrijken van de maand Januari ontstaat, moeten binnen 14 agen na dat ontstaan gelijke aan gifte doen. De houders zijn verplicht, het aan hen uitgereikte kenteeken door de honthn, waarvoor de belasting betaald is, aan een halsband zichtbaar te doen dragen. Tholen, 4 Januari 1937. '25 Gevonden voorwerpen 1 handtaschje met inhoud, 2 por- temonnais inet inhoud, i Glance dameshandschoen. 1 wollen dames handschoen. Te bevragen pp het politiebureau. PAARDENFOKKERIJ. De Burgemeester van Tholen her innert, dat volgens artikel 23 der Paardenwet 1918 (Staatsblad no. 419) ieder, die eigenaar of houder is van een tweejarigen of ouderen hengst, verplicht is bij den Burgemeester der gemeente zijner inwoning aangifte te doen binnen een maand, nadat de i hengst twee jaar is geworden of in zijn bozit is gekomen, alsmede vóór jden eersten Februrri van elk jaar. De Burgemeester geeft van deze xangifte kosteloos een bewijs al, vol gens een door den Minister van Economische Zaken en Arbeid vast gesteld model. Overtreding wordt gestraft met geldboete van ten hoogste tien gulden. Ingevolge artikel 24 der wet is de "dgenaar of houder van een merrie, velke een veulen heeft geworpen, verplicht, zoolang het veulen niet is gespeend, om op vordering, onmid dellijk het betreffende dekbewijs (waarmede een verklaring, gewaar merkt door het bevoegde gezag eener buitenlandsche gemeente, dat de merrie in die gemeente is gedekt, wordt gelijkgesteld) te vertoonen aan de in het eerste lid van artikel 37 bedoelde ambtenaren. Het is dus noodzakelijk, dat be doelde eigenaars of houders bij de dekking van de merrie een dekbewijs van de houders der hengsten vragen. Overtreding wordt gestraft met een geldboete van ten hoogste f 100 Tholen, 4 Januari 1937. 46 K0STEL00ZE INENTING. Burgemeester en Wethouders der Gemeente Tholen maken bekend dat op Woensdag, den 20 Januari aan staande, des middags te '12 ure, de gelegenheid zal zijn opengesteld tot kostelooze inenting en herinenting van de ingezetenen, die zich daartoe in het lokaal der Openbare Lagere School aanmelden. 15 Tholen, den 5 Januari 1937. VOOR HET KIND Overal is feest. Voor het Koninklijk- Kind dat de Bruid is Wie in Haar geest wil handelen steunt de zorg voor het Misdeelde Kind. Nog 3 da gen kan men daartoe weldadigheids postzegels en briefkaarten koopen. De laatste kans. Laat ons samen, één van hart en wil, voortgaan. 8 September 1936. Een blij gebeu ren, do bekendmaking van de ver loving van H.K.H. Prinses Juliana met Z.D.H. Bernhard van Lippe. Alom in den lande klokkengelui, wapperende vlaggen en blijde gezichten. De menschen riepen het elkander toe„Onze Prinses is verloofd En bet was als in een sprookje, Prins Bernhard kwam en won de harten van heel ons Volk door zijn eenvoud en beminnelijkheid. Zonder eenige statie of praal kwamen de jongver- loofden aan het Paleis te Den Haag in een gewonen auto, zich in niets onderscheidende van andere serie wagens. En het was die eenvoud, die ons Volk zoo gaarne ziet, die de harten van ieder veroverde. Overal waar hel sjonge paar kwam werd het met geestdrift ontvangen, en de woordeneer radio gericht aan onsgehc de Volk, zoowel in als buiten ons land hoorde men met ontroering de Prinses zeggen„Ik ben heel gelukkig, nadat wij elknder in den loop van dit jaar in alle stilte heel goed hebben leeren kennen. Het eerst ontmoetten wij elkaar in de wintersport, daarna herhaalde malen hier in het land, tenslotte onlangs in de bergen. Ge leidelijk aan zijn wij het tesamen eens geworden en wel zéér eens" Zoo veel zeggende woorden, een voudig en alles bevattend voor een later gelukkig leven. Nauwelijks vier maanden later is er een stoet door Den Haag gereden met in de sprookjeskoets een gelukkig jong echtpaar, omringd door de liefde van een Volk dat hierbij op roerende wijze blijk heelt gegeven. Hoogtijdag voor het jonge paar Hoogtijdag voor ons Volk en achter de gouden huwelijkskoets een geluk kige Moeder, onze Koningin, wier hart wel vol zal zijn geweest van ontroering nu zij haar Dochter zoo gelukkig ziel en gedragen weet door de liefde van geheel Nederland. Luide heeft bet „ja" geklonken op de vraag van den Burgemeester van den Haag, mr. de Monchy, of zij elkander aannemen als echtelieden en zij getrouwelijk de plichten zullen vervullen aan den huwelijken staat verbonden. Met vaste hand hebben beiden deze belofte van trouw onder teekend. En de kroon op deze verbintenis is wel geweest de gang naar de al oude Sint Jacobskerk, waar dit hu welijk door den ouden Hofprediker ds. Weiter, bijgestaan door dr. Obbink is ingezegend onder diepe ontroering van hen die deze plechtigheid konden bijwonen. Thans zijn ze man en vrouw. Dat hun huwelijk gezegend moge zijn in alle opzichten is zeker de wensch van geheel ons Volk en dat er voor ons Land en Volk, dat zoo nauw verbonden is aan het huis van Oranje-Nassau moge ontspruiten een nieuwe loot aan een ouden stam. - Het is Woensdag zeker een dag van aDgstige afwachting geweest, voornamelijk in onze Residentie waar Donderdag het huwelijk zou worden voltrokken dat voor ons Land en Volk een hoogtijdag zou zijn. Storm en regen teisterden Woensdag de versieringen en deden niets goeds Willem van Oranje. hopen voor den zevenden Januari. Doch wat is bet anders uitgekomen. De wind ruimde, de wolken werden weggevaagd en den dag van Don derdag brak aan met zonneschijn en wind die overal de vlaggen deed wapperen en klapperen. Reeds vroeg begaven de inwoners van de residentiestad zich op weg om een plaats te zoeken en bij duizenden brachten treinen en auto bussen de reizigers aau die van elders kwamen om de vreugde van het vor stelijk huwelijk dat sti aks zou worden voltrokken bij te wonen en mede te maken. Troepen marcheerden aan, auto's met hoogwaardigheidsbe kleders zag men, kortom hoe later het werd hoe meer de spanning steeg. De omgeving van het Paleis vormde de eerste attractie, immers van daar zou het vorstelijk paar vertrekken óm zich naar het stadhuis te be geven en toen de rijtuigen kwamen aangereden was er in de omgeving reeds een compacte menigte aan wezig die den tijd met zingen van nationale liederen bekortte. De eerewacht staat opgesteld ge flankeerd door de Kon. militaire kapel onder leiding van haar kapelmeester kapitein Boer. Te ruim tien uur beweging onder de duizendkoppige menigte, eenige koetsen rijden voor, bruidsmeisjes en bruidsjonkers stappen in en rijden weg. Men beselt, het groote moment gaat naderen. Daar rijdt d? gouden koets bespannen met acht paarden aan militaire commando's klinken, de muziek zet hel Wilhelmus in en daar verschijnt de bruid ge kleed in het wit, de sleep gedragen door vier bruidskinderljes, de prins in den uniform van de blauwe huzaren getooid met het grootkruis van den Nederlandsche Leeuw. Het ge jubel is overweldigend terwijl de Prin- en de Prins n de koets plaats nemen en twee bruidsmeisjes de Piinses be hulpzaam zijn. Dan H. M. de Koningin in de glazen koets met de moeder van Prins Bernhard, daarna de overige rijtuigen omgeven of gevolgd daor het eerecorte. En zoo gaat het naar het tlaagsche stadhuis onder een steeds toenemend enthousiasme. Een sprookje, die mooie stoet schitterend van uniformen, met als middelpunt de gouden koets met het Bruidspaar. Korte commando's, de stoet nadert het Stadhuis, de eere wacht van cadetten, adelborsten en de koloniale reserve met de muziek van het 5e Regiment infanterie presenteert dé geweren, het Wilhelmus en daar stappen Prinses Juliana met haar bruidegom uit en worden door een Wethouder der Residentie Prof. ir. G. L. v d. Bilt ontvangen. Het enthousiasme van het publiek is niet te beschrijven als het jonge paar het bordes bestijgt, de vier in het wit gekleede bruidskinderen houden de 5 meter lange sleep, de bruid houdt een boeket van Oranjebloesem in haar hand en gevolgd door de Koningin de getuigen en andere ge- noodigden treedt men het stadhuis binnen waar de burgemeestermr.de Monchy het bruidspaar {leidde naar de burgemeesterskamer die als ontvangstsalon was ingericht. Het is ongeveer half twaalf als bruid en bruidegom, de Koningin en andere aanwezigen lmnne zetels in de trouwzaal innemen. De burgemeester mr. De Monchy» die als ambtenaar van den burger lijken Stand fungeert heet daarna H. M. de Koningin welkom en vraagt vergunning om het huwelijk te mogen voltrekken. Na de verkregen toestemming richt de burgemeester zich tot het bruidspaar en verklaart dat er niets in de weg staat om dit huwelijk te voltrekken, waarna aan de moeder van den bruidegom de vraag wordt gesteld ofzij toestemminggeefttotdit huwelijk, waarop met een duidelijk hoorbaar ja wordt geantwoord. Dezelfde vraag wordt daarna gericht tot Hare Majesteit Koningin Wilhelmina, die eveneens met ja antwoordde. Burgemeester de Monchy verzoekt daarna de aanstaande echtgenooten elkander de rechterhand te geven en verzoekt te antwoorden op de volgende vragen Prins Bernhard verklaart Gij in tegenwoordigheid der getuigen Prinses Juliana aan te nemen alsechtgenoote, waarop een ja volgde. Aan de Prinses stelde de burge meester de vraag of zij in tegen woordigheid der getuigen verklaarde Prins Bernhard aan te nemen als echtgenoot, waarop de Prinses met ontroering in haar stem hel ja uit spreekt. De burgemeester verklaart daarna daL beiden in de echt verbonden zijn en zegt dat het voor hem een eer is de eerste te mogen zijn die zijn ge luk wenschen mag aanbieden, wat spreker deed in een korte rede. Daarna wordt de acte voorgelezen en door den Prins der Nederlanden en Prinses Juliana met de getuigen geteekend. De getuigen waren Prins Aschwin, hertog Adolf Frie- drich van Meckl'enburg, prins Julius zur Lippe, graaf Rabe Oeynhausen- Sierstorpff, jonkvrouwe L. P. van de Poll, jhr. mr. F. Beelaerts van Blok land, prof. Huizinga,. kolonel von Panschulitzew. Daarna ging het kerkwaarts. Overal het laaiend enthousiasme der menigte wier gejubel niet ophoudt. Aan de kerk staat een eerewacht van adel borsten en cadetten opgesteld. Het Koninklijk echtpaar wordt ontvangen dooreen commissie uit den Kerkeraad en naar de consistorie geleid. In de kerk zijn reeds eenige duizenden ge- noodigden tegenwoordig. Daar zet-het orgel de bruidsmarsch uit Lohengrinn in, alle aanwezigen verheflen zich van hunne zetels, Twaalf paren bruidsjonkers j en bruidsmeisjes gingen aan het bruids paar vooraf, de vier bruidskinderen volgden. Daarna traden iwee aan twee bin nen de Koningin met prins Aschwin aan haar linkerzijde, Prinses Armgard van Lippe Biesterl'eld met hertog Adolf Friedrich van Mecklenburg, hertogin Adolf Friedrich van Mecklen burg met prins Julius zur Lippe, prinses Julius zur Lippe met graaf Rabe Oeynhausen-Sierstoi pff, jonk vrouwe L. P. van de Poll met jhr. mr. F. Beelaerts van Blokland, me vrouw Beelaerts van Blokland met prof. Huizinga en gravin von Ocyn- hausen-Sierstorpff met kolonel von Panschulitzew. De jonggehuwden zetten zich op de bank, waarvoor een knielbank op een tapijt dat ook gediend heeft hij het huwelijk van onze Koningin 35 jaar geleden. Dr. Obbink betreedt daarna den katheter en spreekt den zegen uit, waarna door de aanwezigen wordt gezongen „Dankt, dankt nu allen God" Hierna gaat dr. Obbink voorin gebed en smeekt Godes zegen af over de jonggehuwden. Als tekst had dr. Obbink gekozen psalm 32 8 laatste gedeelte „Mijn oog zal op U zijn." Nadat de preek geëindigd was, treedt de oude Hofprediker, ds. Wei ter naar voren en verzoekt het bruidspaar op te staan en elkander de rechterhand te reiken. Nadat hieraan gevolg is gegeven, stelt de predikant de vragen in het huwelijksformulier voorkome. de. Prins Bernhard antwoordt meteen tot alle hoeken van het Kerkgebouw doordringend „ja". Dezelfde vraag tot Prinses Juliana gesteld, hoort men bet „ja" door Haar uitspreken met een ontroerde stem. Ds. Weiter verzoekt daarna de jonggehuwden neer te knielen en spreekt de zegebede uit„De Heere zegene en behoede U, de Heere doe Zijn aangezicht over lichten en zij U genadig, de Heere verhefle Zijn aangezicht over U en geve LJ Vrede", Amen. Nadat allen hun plaatsen weder hebben ingenomen treedt prof Obbink wederom naar voren tol het ver richten van de ceremonie van het verwisselen der ringen. Hij zegt „Deze ringen mogen voor U het symbool zijn van de onkreukbare en onverbrekelijke trouw, die gij elkander hebt toegewijd". Onmiddellijk hierop zette het orgel de zegenbede in, welke staande door allen werd wordt medegezongen U zeegne God. Hij stelle u tot een zegen. Gezegend zij uw hoofd, uw hart, [uw wegen. Uw aardsch, uw eeuwig lot. O God, verhoor En schenk ons deze bede Toon hun uw gunst, doordring [hen van uw vrede. Licht met uw licht hen voor. Dr. Obbink spreekt hierna een slotwoord en biedt namens den Haagschen Kerkeraad een huwelijks bijbel aan, in vertrouwen dat dat Boek zal zijn een lamp voor hun voet en dat zij sarnen er veel in zullen lezen en er troost uitputten en dat bet een gids voor hun overige leven moge zijn. Dr. Obbink besloot met het bidden van het „Onze Vader". Onder het spelen van Mendelsohns bruidsmarsch begaf het Vorstelijk gezelschap zich, terwijl de aanwezigen zich van hun zetels verhieven, naar de consistorie kamer waar het jonge paar vele ge luk wenschen in ontvangst had te nemen. Een sprookje! Twee jonge menschen zooeven in den echtveibonden ineen gouden koets waarachter de glazen koels, waarin gezeten waren de ko ningin Wilhelmina Jubelend laten de klokken yan dev Residentie hun bronzen stemmen hooren. Een wijd uitgedragen vreugde galm over den Haag. Het is als zingen de klokken het geluk van iweejonge menschen uit. Doch wat is de uiting van vreugde die gehoord wordt in T klokkengebeier te vergelijken met de uiting van vreugde en medeleven van die duizendkoppige menschen- menigte die langs den weg geschaard is om het Prinselijke paar de bewijzen te geven van hun vreugde? De tocht door den Hang is een zegetocht geworden, het gejubel was niet van de lucht, het plantte zich voort, het volgde en omgaf den gou den koets met de gelukkige bruid en den niet minder gelukkigen bruide gom. Het zwol aan tot een symphonie, -uiting gevende aan de ljefae van ons Volk voor de Prinses dit het Huis van Oranje, die heden de gelukkigste dag van Haar leven beleefde aan de zijde van Hem, aan wie zij zich toe vertrouwt. De ontroering, de blijdschap, de liefde van ons Volk die Donderdag over ons vorstelijk buis, waar van thans Prins Bernhard ook deel uitmaakt uitbarstte, is geweldig ge weest. Onverbreekbaar is de band die Oranje en Nederland samenbindt,

Krantenbank Zeeland

Ierseksche en Thoolsche Courant | 1937 | | pagina 1