NOORD-BEVELANDS ADVERTENTIEBLAD r 20 pCt. Korting 4</< pCt. PANDBRIEVEN a 99 pCt. No. 1602. Zaterdag 19 Jan. 1929. 35e Jaargang. A. MULLIE - KAMPERLAND DRIE SPUITEN" TOTALE UITVERKOOP ANNA M. DRONKERS juiiiuiiiii 11 iiHuiiiiiiiniiiiuiiiHiiiniiiiiiiiiui^ Van Sluijs Co's OCHTENDVOER Zeeuwsche Hypotheekbank Middelburg. Koninklijke Ververij, Chemische Wasscherij AUG. BIERENS - - DORDRECHT. Thans voor korten tijd op alle Stoom- en Verfprijzen. FRANCO ZENDING. DE BANNELING VAN EMELISSE. DRUK EN UITGAVE A. G. M. MARKUSSE TE WISSENKERKE - TELEFOON No. 10 Prijs der Advertentiën: van 1 tot 5 regels 50 cent, iedere regel meer 10 cent. Bij abon nement aanzienlijke korting. Familieberichten en daarop betrekking hebbende dankbetuigingen van 1 tot 6 regels 75 cent, iedere regel meer 12'/a cent. DAMES- en HEERENKLEERMAKERIJ Abonnementsprijs f 1.per jaar bij vooruit betaling. Franco per post f2.25 per jaar. Toezending advertentiën tot Vrijdagmorgen 8 uur (wettelijken tijd). Oplaag 1800 ex. m Korte Delft G 4--5 MIDDELBURG iiiiiiiiiiiiiiiiiiiinn ii iiiiiniiiiiiiiiin i inniiiiniiiii iHiiiiiiiiiiitiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii iiiiin iiniti iiiiiiiiiiiiiiiiuiiin iniiinn iiiiimiini Wegens verbouwing van alle voorradige artikelen. MANTELS, JAPONNEN, LINGE RIE'S, CORSETTEN, KOUSEN, ENZ. ENZ. ENZ. AANBEVELEND, i VOORAL NU U RAAPT DAN SPOEDIG EN VEEL WINTER El ER EN. Verkrijgbaar by eiken molenaar en winkelier. 50 K.G. f9.50, 25 K.G. f5.—10 K.G. f 2.30. 5 K.G. f 1.20, 2'/a K.G. f 0.65. Fabrikante VAN SLUIJS CO. - „DE ROQDE TOREN" MIDDELBURG. KAPITAAL f 2.000.000. De Bank geeft uit: HESERVE f 388.152. in stukken van f 1000.f 500.en f 100. De Directie: Mr. A. A. DE VEER. Mr. M. C. VAN DER MINNE. Agenten: A. G. M. Markusse, Wissenkerke; J. A. de Vos, Kortgene W. Bosselaar, Geersdijk; G. P. Leendertse Jz. Kamperland; D. Wil- derom Colijnsplaat; P. Eikenhout. Kats. Middeleeuwsche Novelle van Noord-Bevelandsch Blinken en Verzinken (1325—1334) door A. M. WESSELS. (7 man Willem van Cainpen, vergezeld was van zijn Rentmeester Enti- us van Nieuwlande. Ook de Noord-Bevelandsche Ridder Gilles van Nordic zag men ronddwalen. Het was een prachtig gezicht al die kleurige kleedij en het wap peren der verschillende banieren. Was er groote belangstelling bij den aankomst van den Graaf ge weest, nu bleek deze nog grooter. Uren te voren stonden de toeschouwers reeds te wachten en zagen met belangstelling naar de talrijk* vreemde Ridders, die zich in volle uitrusting naar den Burcht begaven, teneinde zich voor het tournooi in te laten schrijven. Een gejuich steeg op toen men onder deze ook de populaire Edele Pontiaan van Emelisse, (Pierre de la Lisse) ontwaarde, in zijn roode geborduurde lijfrok waarop een zilveren zwaard met gouden vest, het Emelisse wapen, was aangebracht. Nog luider juichte men, toen men een Ridder in het oog kreeg, op wiens lijfrok een klimmende, geluipaarde Leeuw van goud, met tong van zilver, op een veld van keel, met gouden blokjes bezaaid, gebor duurd was. Want men herkende aan dit wapen het zoo beroemde geslacht der Renesse's, wier Edelen in Zeeland zeer beroemd waren. Het was de Edelman Wouter, die mede naar den prijs zou dingen. Eindelijk klonk trompetgeschal, ten teeken dat de kampvechters aan kwamen. Achter hen reed de Graaf, die aan het hoofd der stoet de kampplaats opreed, verwelkomd door herhaalde en daverende toe juichingen. Achter deze weer twee herauten, die luide op hunne gevlagde ba zuinen bliezen. De Ridderschaar reed eerst het terrein van den strijd om. Nadat deze rondrit was volbracht, kwam er een tweede stoet, doch van geheel anderen aard, namelijk een stoet van geestelijken uit het prachtige Klooster en Gasthuis te Emelisse. Aan het hoofd hiervan liep, in vol ornaat, de Prior Pancratius, ge volgd door een rij koorknapen, die kruisen en banieren droegen. Alvorens eveneens de rondgang te maken, sprak hij eerst den ze gen uit over de menigte en wijdde de kampwerf in, teneinde alzoo aan alle tooverijen en bezweringen, welke men zou willen gebruiken, alle kracht te ontnemen. Deze plechtigheid was spoedig verricht en nadat Pancratius met zijn kloosterlingen van het tooneel waren verdwenen, klonk schel klaroengeschal en vroolijke muziek. Het tournooi nam een aanvang. Eerst reden degenen die aan het tournooi deelnamen het krijt rond, teneinde hun kloekheid in 't besturen hunner paarden te toonen en hun wapenrusting te deen bewonderen en gingen daarna loten, wie er tegen elkaar uit zouden komen. Even later kondigde de heraut de Ridders aan, die elkaar zouden bekampen, en de eerste ronde ving aan. De Noord-Bevelanders waren vol verrukking toen den Burchtheer van Cats en Wouter van Renesse, benevens Pontiaan van Emelisse, na een zwaren kamp, hun tegenstanders uit den zadel lichtten. Onder spanning klonk het sein voor de tweede ronde, maar in de ze moesten» Heer Nicolaas van Cats en Pontiaan van Emelisse het onderspit delven, tegen twee Hollandsche Ridders, die den Graaf had den vergezeld, en men zag wel, dat een tournooi dezen verre van vreemd was. Het was dan ook een verademing dat Ridder Wouter van Renesse nog niet geslagen was, en het na een vinnige kamp tot de laatste ronde wist te brengen. Zou de titel van Zeeiands kampioen door een Hollander worden weggedragen? De spanning steeg onder de menigte ten top. Onder ademlooze stilte sprongen de beide kampioenen te paard en namen nieuwe lansen uit de handen hunner schildknapen. „Alles in de beste orde" riep de kamprechter, zijn handschoen in het strijdperk werpend. De klaroenen schalden en de Zeeuwsche en Hollandsche Edelen reden op elkaar in. De schok der strijders was geweldig en scheen met een gelijk voor deel aan beide zijden gepaard te gaan. De lans van Wouter van Re nesse was met zooveel kracht aangekomen, dat zij in splinters stoof en dat het paard van den Hollandsche Edele neerstortte, maar de Schouwensche Edelman was niet gelukkig geweest en geheel en al door zijn tegenstander uit den zadel gelicht, ja, een eind weegs weg geworpen, terwijl zijn ros het veld overholde. De Hollander werkte zich met veel moeite van onder zijn paard, maar de strijd was onbeslist. Aangezien beiden gewond waren, en niet in voldoende staat om nog een ronde te doen, werd op voorstel van Graaf Willem beslist, dat men oin den Overwinningstitel van Zeelandsch Kampioen loten zou, terwijl de verliezer der titel, de Grafelijke Bokaal zou ontvangen. Beide Edelen gingen hiermede accoord. Twee keursteenen werden in een beker gegooid, een witte, het

Krantenbank Zeeland

Noord-Bevelands Nieuws- en advertentieblad | 1929 | | pagina 1